Botritis is een veel voorkomende schimmel die op veel planten groeit. Kenmerkend voor Botritis is een grijze, pluizige groei die zich vormt op het aangetaste gebied.

Roestsporen floreren in een vochtige omgeving. Deze schimmel ontwikkelt zich op bladeren, maar ook op de stam. Wordt gekenmerkt door vlekken of verdikkingen op het blad, met een kleur gaande van oranje tot donker bruin.

Sterroetdauw is een veel voorkomend probleem op rozen, maar komt ook voor op andere planten. De vlekken kunnen variëren in kleur, van grijs, geel of bruin tot zwart.

Ijzer is een spoorelement, maar toch kan het vastgezet worden in de bodem zodat de wortels van azalea’s, rododendrons, camelia’s en andere planten het ijzer niet kunnen absorberen.

Schurft veroorzaakt een bruine verkleuring van de bladeren, beginnende bij de rand en zo naar binnen. De bladeren verdrogen en krullen om, ook al bevinden ze zich in een vochtige omgeving.

Meeldauw is een witte, poederachtige schimmel die meestal op de bovenkant van de bladeren voorkomt. In sommige gevallen kan de schimmel ook voorkomen op de onderkant van de bladeren of op andere delen van de plant.

Een blad dat niet op een normale manier groeit, maar dit kan meerdere oorzaken hebben. Om de oorzaak op te sporen en de symptomen te behandelen, moet je dus heel specifiek weten wat er aan de hand is.

Virusinfecties worden normaal gezien doorgegeven door zuigende insecten zoals witte vliegen en bladluizen, die van plant naar plant gaan.

Bacterievuur is een schimmel die veel voorkomt op kerselaars en pruimelaars. De schimmel verzwakt de plant en kan, indien niet behandelt, veel schade veroorzaken aan de schors.